Antiquariaten, Hedendaagsche Letterkunde, Hispanisch, Niet (uit-)gelezen

Bij de dood van Goytisolo

5 juni 2017

Beste Jur,

Schrijvers, net als mensen, sterven. Wanneer een schrijver sterft denk je aan zijn boeken: de boeken die je gelezen hebt, die je wilde lezen, nog gaat lezen, die hij nog had kunnen schrijven, misschien, als hij niet was gestorven. Houellebecq houdt zichzelf voor dat dode schrijvers niet schrijven, en blijft daarom leven.

Vorige week schreef ik je over Denis Johnson, die wij allebei hoog hebben zitten. En nu lees ik op Tzum dat Juan Goytisolo overleden is. Het zijn er maar twee, kun je zeggen, het is niet alsof de beroepsgroep opeens collectief het loodje legt, en er verschijnen genoeg boeken, maar toch, iedere dode schrijver is een belofte die nooit meer wordt ingelost.

Ik schrijf je over de dood van Goytisolo omdat hij in mijn persoonlijke pantheon een zeldzaam archetype vertegenwoordigt. Jaren geleden struinde ik antiquariaten af om zijn boeken te kopen. Ik wilde in die tijd alles lezen wat ertoe deed en ik had ergens gelezen dat Goytisolo ertoe deed. Hij was een modernist, een experimenteel, dat was voor mij een nieuwe smaak. Geweldige naam ook. Ik herinner me De identiteit. Dat was het eerste deel van een trilogie. Ik herinner me nog een roman uit die trilogie waarvan ik de titel ben vergeten, en ik kan het niet nakijken, tien verhuizingen verder zitten die boeken ergens in een doos en waar die doos is weet ik niet, in elk geval niet in het huis dat ik nu bewoon. Ik heb ze nooit gelezen. Ik heb nooit een letter van Goytisolo gelezen.

Goytisolo is de schrijver van wie ik enorme verwachtingen had, die ik wilde omarmen als persoonlijke held, op wie ik jubelzangen zou afsteken, maar het kwam er niet van, er waren andere boeken, andere schrijvers, en op zeker moment is hij terloops door een achterdeurtje uit mijn leven verdwenen zonder dat ik ooit een boek van hem heb opengeslagen.

Ik was Goytisolo vergeten, tot ik las dat hij gisteren in Marrakesj is gestorven. Dat is tragisch. Hij was eigenlijk al een beetje dood. Hij heeft ongetwijfeld terecht de Premio Cervantes gekregen en ik ben er een armere lezer om, maar ik betwijfel of ik ooit nog aan hem toe kom. Waarom waren mijn verwachtingen van zijn oeuvre indertijd zo hooggespannen? Wat sprak mij zo aan in zijn Aura of Imago, in zijn flapteksten of evangeliën?

Bert Schierbeek was ook zo’n schrijver die ik op voorhand bewonderde. Tot ik een boek van hem las. Zijn romandebuut, geloof ik. Dat vond ik niks. Aan zijn experimentele boeken, waar het me eigenlijk om ging, ben ik niet eens meer begonnen. Dat gun ik Goytisolo niet. En dus herinner ik me vandaag mijn bewondering voor een schrijver die ik nooit heb gelezen.

You Might Also Like

No Comments

Leave a Reply